aardige jongens         (jongens waren we - naar Nescio)



zonder ochtend dagen tijd
lopend tussen park en kade, iets
zouden we doen, veel laten zien
een bibliotheek of twee
lazen we, we vonden woorden
voor nieuws schilderijen alles
stapels cassettebandjes
alleen jij hoorde meer


's nachts op zware schoenen door de stad
onze namen in reuzenletters, in de tunnel
op stilstaande treinen, samen
dronken we een iglo van gele, groene kratten
deden we dat we dansten
vaste klant bij de dealer van Roodkapje
dachten we de wereld opnieuw
de grote wereld, de kleine


ooit zou alles mooier, dacht ik
maar jij legde het af
tegen de dingen




genomineerd: Arnhems lezersbal 2010

terug
w o o r d