achter de rug van de man in het wit
lijkt het licht nog winter
bomen steken hun takken omhoog
kraaien vliegen af en aan

de voorkant van de man in het wit
deelt mijn vader in verraderlijke cellen
van longen tot merg misschien
morgen moeten we weer

op de terugweg die de heenweg niet is
vertelt mijn vader een vriend voor zover nog iets
dan meteen en dat hij al asperges at, hoe dik
ze zijn, hoe duur dit jaar, hij overweegt
ook niets

achter hem in mijn rode jas
probeer ik sms'jes
probeer ik iets
te sturen



beste 10 gedichten VUmc poëziewedstrijd 2015
met publicatie


terug
w o o r d